De Groene Amsterdammer | 31 mei 2017

Pompen wat je pompen kunt

Volgens topman Ben van Beurden wil Shell een ‘force for good’ zijn, al vertellen de daden van zijn bedrijf voorlopig een ander verhaal. Waar groene aandeelhouders de olietanker van binnenuit willen bijsturen, verdient de fossiele industrie volgens klimaatactivisten een plek in het verdomhoekje.

Door Jaap Tielbeke, 31 mei 2017, in De Groene Amsterdammer

Echt waar, we nemen de opwarming van de aarde heus wel serieus, beklemtoonde topman Ben van Beurden nog maar eens tijdens de jaarlijkse aandeelhoudersvergadering van Shell, […] ‘Shell ondersteunt het klimaatakkoord van Parijs volledig en zal haar aandeel leveren in de implementatie ervan.’

Wie deze teksten zo leest, zou vermoeden dat de laatste resolutie op de agenda zonder al te veel tegenstand werd aangenomen. Dat was namelijk precies wat Resolutie 21 voorstelde: Shell dient concrete doelstellingen te formuleren die in lijn zijn met het verdrag van Parijs. De motie was een initiatief van Follow This, een groep activistische aandeelhouders die de oliegigant wil aansporen om een voortrekkersrol te nemen in de energietransitie. Wees ambitieus, duidelijk en transparant, roepen ze het bestuur op. Het bleek te veel gevraagd. Meer dan negentig procent van de aandeelhouders stemde tegen het voorstel van Follow This.

Een verrassing was dat niet. In niet mis te verstane bewoordingen had de Shell-top de aandeelhouders aangeraden tegen de motie van Follow This te stemmen. Het plan was ‘onredelijk’, ‘ineffectief, zelfs contraproductief’, zo lichtte de directie het stemadvies toe. Harde doelstellingen zouden ten koste gaan van de flexibiliteit die volgens Shell zo belangrijk is om te overleven in het snel veranderende energielandschap. Waarom zou Shell zichzelf beperkingen opleggen terwijl dit een probleem is van de hele sector? Daarmee snijd je jezelf alleen maar in de vingers, waarschuwde Van Beurden. Alleen overheidsmaatregelen kunnen zorgen voor een eerlijk speelveld.

Het is een terugkerend patroon. Shell kan en wil een force for good zijn, gelooft directeur Van Beurden. Maar ondertussen vertellen de beslissingen van zijn bedrijf een ander verhaal: als puntje bij paaltje komt kiest Shell consequent voor de fossiele route. Volgens de Britse organisatie Influence Map geeft Shell ieder jaar minstens 22 miljoen euro uit om ongewenst klimaatbeleid te dwarsbomen. De Correspondent becijferde dat minder dan één procent van alle investeringen naar hernieuwbare energie gaat. En uit onderzoek van De Groene Amsterdammer bleek dat Shell in Nederland al jarenlang veruit de grootste uitstoter van broeikasgassen is. Misschien liet Ben van Beurden zijn ware gezicht zien toen hij vorig jaar in een interview met Nieuwsuur zei dat hij ‘alles oppompt wat hij op kan pompen’ zolang de markt daarom vraagt.

Het voedt de discussie over de rol van bedrijven als Shell in de strijd tegen klimaatverandering. Kunnen ze überhaupt een constructieve partner zijn? Veel overheden geloven van wel. Zeker in de VS en Europa wordt de input van bedrijven gewaardeerd bij het uitstippelen van klimaatbeleid. In zijn openingsspeech op de Nederlandse klimaattop, in oktober, prees premier Rutte de inzet van het vaderlandse bedrijfsleven, waaronder Shell. Vol lof was hij over de ‘spirit van samenwerking’. Maar ondertussen groeit de roep om fossiele energiebedrijven als personae non gratae te bestempelen. Keer op keer belemmeren zulke multinationals doortastende klimaatactie, merken ook de klimaatonderhandelaars bij de VN. De fossiele industrie verdient een plek in het verdomhoekje, vinden klimaatactivisten. Dat zo’n dubieuze sector nog altijd zo diep verankerd is in de samenleving is moreel onaanvaardbaar. Is het een radicaal standpunt of een vooruitziende blik?

Misschien heeft Mark van Baal, initiatiefnemer van Follow This, wel meer vertrouwen in Shell dan Shells eigen directie, zei hij tijdens de aandeelhoudersvergadering. De multinational heeft genoeg slimme en ambitieuze mensen in huis, aan kapitaal is er geen gebrek en ook grote beleggers beginnen de druk op te voeren, merkt Van Baal. Zo stemden pensioenbeleggers Actiam en Blue Sky Group voor de groene resolutie en onthielden verzekeraars Aegon en Nationale Nederlanden zich van stemming om een signaal af te geven. ‘En we kregen de steun van VEB, een beleggersvereniging die toch vooral let op aandeelhouderswaarde en dividend. Zij begrijpen dat het niet alleen een morele kwestie is; het is ook gewoon een zakelijke kans als je nu vol inzet op duurzame energie.’ Het stemt hem hoopvol. Ging het een paar jaar geleden op de aandeelhoudersvergadering enkel over olie en gas, inmiddels is klimaatverandering een prominent agendapunt. ‘Je ziet ook wel beweging bij Shell’, zegt Van Baal. ‘Ze hebben bijvoorbeeld een New Energy Division opgericht. Dat is een belangrijke stap.’

Maar vooralsnog gaat het allemaal veel te traag, erkent hij. Tegenover de tweehonderd miljoen dollar die in 2016 naar New Energy ging, staan de miljardeninvesteringen voor de winning van fossiele brandstoffen. ‘Ons initiatief draagt ook bij aan de ontmaskering’, zegt Van Baal. Het dwingt Shell om kleur te bekennen; door het negatieve stemadvies viel de oliegigant uit zijn groene rol. ‘Ze kunnen wel blijven zeggen dat ze de doelen van Parijs “supporten”, maar Shell is een speler, geen supporter. Ze zitten niet op de tribune, ze staan op het veld. De omzet van Shell is groter dan de economieën van veel landen die het Parijs-akkoord ondertekenden. Ik begrijp wel dat het moeilijk is om zo’n olietanker bij te sturen, maar ze zullen wel moeten. Als ze niet veranderen, gaan fossiele energiebedrijven ten onder. Alleen dreigen ze eerst de planeet naar de knoppen te helpen.’

‘Als ze niet veranderen, gaan fossiele energiebedrijven ten onder. Alleen dreigen ze eerst de planeet te verwoesten’

Lees het hele artikel van Jaap Tielbeke in De Groene Amstermmer