Shell-aandeelhouder ABP/APG (0,5 procent) blijft Shell in het openbaar aansporen om af te zien van boren in het Noordpoolgebied. ‘Andere beleggers moeten weten hoe wij er in staan,’ zegt Eduard van Gelderen (ABP/APG) vandaag in het Financieele Dagblad. ‘Door met andere institutionele beleggers op te trekken, kun je meer invloed uitoefenen.’

Lees hieronder de cruciale passage van het interview van Nelleke Trappenburg met ABP-bestuurder Erik van Houwelingen en APG-bestuurder Eduard van Gelderen:

Ook als aandeelhouder hebben APG en ABP nogal eens het nakijken. Zo ageerde APG namens ABP tegen de plannen van Shell om olieboringen in het Noordpoolgebied te doen. Maar Shell trekt zich daar vooralsnog weinig van aan. ‘We kunnen onze stem laten horen. Maar zelfs als we zouden stemmen met onze voeten en ons belang van 0,5% zouden verkopen, is dat voor Shell geen probleem’, zegt Van Gelderen. Samen met Erik van Houwelingen, bestuurder van ABP, licht hij het beleggingsbeleid van APG en ABP toe.

Dus jullie blijven ondanks de voorgenomen boringen in Alaska in Shell zitten?

Eduard van Gelderen: ‘Ja. We vinden het zinvoller om met Shell de discussie te blijven voeren. Als we eruit stappen, hebben we sowiesó geen toegang meer. Nu kunnen we nog blijven proberen onze invloed uit te oefenen. Op eerdere onderwerpen heeft aanhoudende druk succes opgeleverd.’

Maar jullie hebben nogal stampei gemaakt over die boringen van Shell. Was dat dan wel handig?

Eduard van Gelderen: ‘Vroeger regelden we zaken meer één op één met bedrijven, maar tegenwoordig zoeken we nadrukkelijker de openbaarheid op. We zitten namelijk in zo’n 4000 bedrijven en hebben vaak maar zo’n klein belang dat ze weinig boodschap aan ons hoeven hebben. Maar door zij aan zij met andere institutionele beleggers op te trekken, kun je meer invloed uitoefenen. Dan moeten andere beleggers echter wel weten hoe je erin staat, vandaar dat het van belang is naar buiten te treden.’